EU-advocaten
Toetreding EU-advocaat tot de Nederlandse advocatuur
Voor EU-onderdanen zijn voor wat de beroepsgroep advocaten betreft drie richtlijnen van belang: de richtlijn 77/249/EEG, de zogenoemde Dienstenrichtlijn, richtlijn 89/48/EEG, of de Diplomarichtlijn (1), in Nederland geïmplementeerd in de Algemene Wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiploma's en de Vestigingsrichtlijn 98/5/EG (2), geïmplementeerd in de Advocatenwet. De eerste stelt de advocaat in staat eenmalig in een ander EU-land als advocaat op te treden. Er kan een aantal voorwaarden gesteld worden. Op basis van de tweede kan een volwaardig beroepsbeoefenaar (produit fini) uit een van de EU-landen, na daartoe de zogenaamde proeve van bekwaamheid met goed gevolg te hebben afgerond, tot de Nederlandse Balie toetreden. Met een beroep op de Vestigingsrichtlijn kan een EU-advocaat hier te lande de praktijk onder de oorspronkelijke beroepstitel (under hometitle) uitoefenen. Na drie jaar kan onder bepaalde voorwaarden om inschrijving bij een Nederlandse rechtbank worden verzocht.
- Richtlijn 89/48/EG van 21 december 1988 betreffende een algemeen stelsel van erkenning van hoger-onderwijsdiploma's waarmee beroepsopleidingen van ten minste drie jaar worden afgesloten.
- Richtlijn 98/5/EG van 16 februari 1998 ter vergemakkelijking van de permanente uitoefening van het beroep van advocaat in een andere lidstaat dan die waar de beroepskwalificatie is verworven.
A. Toetreding tot de Nederlandse advocatuur op grond van de zgn. Diplomarichtlijn
In artikel 2 lid 1 van de Advocatenwet staat vermeld wie in Nederland om inschrijving als advocaat kan verzoeken. Deze bevoegdheid komt toe aan diegene die, kort gezegd:
- een rechtenstudie aan één van de Nederlandse Universiteiten dan wel de Open Universiteit heeft voltooid, en de meester-titel (mr.) heeft behaald
- inschrijving op grond van artikel 2a en 2b van de Advocatenwet
- in het bezit is van een ten aanzien van het beroep van advocaat afgegeven EG-verklaring als bedoeld in de Algemene wet erkenning EG-hoger-onderwijsdiploma's (Wet Diploma Erkenning) dan wel in de Algemene wet Erkenning EG-beroepsopleidingen
Ad 1. de mr.-titel
Indien u als advocaat niet de nationaliteit heeft van één van de EU-Lidstaten, is het volgen en voltooien van de rechtenstudie aan één van de Nederlandse Universiteiten dan wel de Open Universiteit de enige wijze waarop u hier te lande een verzoek kunt indienen om als advocaat te kunnen worden ingeschreven. Wellicht krijgt u op een aantal onderdelen een vrijstelling, dit staat echter ter beoordeling aan de Universiteit zelf. In artikel 2 lid 1 Advocatenwet wordt nog een aantal examens genoemd die met goed gevolg afgerond moeten zijn. Het voert hier echter te ver om daarop in te gaan.
Na afronding van de rechtenstudie kunt u om beëdiging als advocaat verzoeken. Op grond van artikel 9b lid 1 Advocatenwet zult u de eerste drie jaar onder toezicht van een andere advocaat (de patroon) de praktijk moeten uitoefenen.
Ad 2. inschrijving op grond van artikel 2a en 2b van de Advocatenwet
Deze mogelijkheid is gebaseerd op richtlijn 98/5/EG, de Vestigingsrichtlijn (Richtlijn 98/5/EG van 16 februari 1998 ter vergemakkelijking van de permanente uitoefening van het beroep van advocaat in een andere lidstaat dan die waar de beroepskwalificatie is verworven). Na drie jaar kan de advocaat met inachtneming van de bepalingen van artikel 2a en 2b van de Advocatenwet als Nederlands advocaat worden ingeschreven. Over deze mogelijkheid is een aparte notitie geschreven. Zie verder de publicatie: vestiging EU advocaat in Nederland (op basis van de zogenaamde Vestigingsrichtlijn).
Ad 3. de EG-verklaring voor het beroep van advocaat.
De EG-richtlijn diploma erkenning (richtlijn 89/48/EEG) is in Nederland geïmplementeerd in de Wet Diploma Erkenning, welke wet op 19 januari 1994 (Staatsblad 1994, nr. 29) is aangenomen. Op grond van deze Richtlijn en Wet mag Nederland een EU-onderdaan de toegang tot de advocatuur niet weigeren, indien die onderdaan in land van herkomst volledig gekwalificeerd is voor het beroep van advocaat, een zgn. 'produit fini'.
Kortom, wilt u als EU-onderdaan tot het beroep van advocaat in Nederland worden toegelaten, dan dient u te beschikken over een EG-verklaring, of te voldoen aan de vereisten van artikel 2a en 2b van de Advocatenwet (waarover dus een aparte notitie bestaat). Bij besluit van 15 juni 1994 (Staatsblad 1994, nr. 457) is de Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten aangewezen als bevoegde autoriteit voor het afgeven van deze EG-verklaring.
Procedure
Om in aanmerking te komen voor een EG-verklaring dient u de in artikel 2 Regeling EG-verklaring advocaten genoemde documenten te overleggen, waaruit blijkt dat u de hele route in land van herkomst heeft afgelegd om het beroep van advocaat te mogen uitoefenen. Op grond van de ingediende documenten beoordeelt de Algemene Raad vervolgens of en in welke onderdelen u, als aanvullend vereiste, een 'proeve van bekwaamheid' dient af te leggen. In dat geval wordt een voorlopige EG-verklaring afgegeven.
In artikel 4 van de Regeling EG-verklaring advocaten is bepaald dat de proeve van bekwaamheid op een aantal punten bij of krachtens verordening als bedoeld in artikel 28 Advocatenwet nader dient te worden geregeld. Dit is gebeurd in de Verordening op de proeve van bekwaamheid en het Reglement op de proeve van bekwaamheid.
De proeve van bekwaamheid bevat de volgende onderdelen:
- Burgerlijk (proces)recht
- Straf(proces)recht óf Bestuurs(proces)recht
- Een van de rechtsgebieden:
- arbeidsrecht
- echtscheidingsrecht
- faillissementsrecht
- ondernemingsrecht
- belastingrecht
De onderdelen 1 en 4 zijn voor u verplicht, uit de onderdelen 2 en 3 dient u een keuze te maken. De onderdelen 1 t/m 3 worden mondeling in de Nederlandse taal geëxamineerd, het vak Gedragsrecht wordt daarentegen schriftelijk afgenomen. De beheersing van het Nederlands is een medebepalende factor bij de beoordeling van het examenresultaat. De gehaalde examens behouden hun geldigheid gedurende vijf jaar, wat betekent dat u alle onderdelen binnen deze periode dient te hebben afgerond.
Per onderdeel krijgt u een literatuur- en jurisprudentielijst opgegeven. Gezien het zeer geringe aantal aanmeldingen is het niet haalbaar om op onderdelen van de proeve van bekwaamheid afgestemd onderwijs aan te bieden, het vak Gedragsrecht uitgezonderd. Dit vak kunt u namelijk als cursusonderdeel binnen de Compactcursus volgen. Bij de andere onderdelen kunt u ervoor kiezen om deel te nemen aan onderdelen van de Beroepsopleiding Advocatuur. Let wel, deelname aan (onderdelen van) de Beroepsopleiding dient u slechts te zien als een eventuele aanvulling op de literatuur- en jurisprudentielijst. Certificaten Burgerlijk recht, Strafrecht of Bestuursrecht van Nederlandse Universiteiten kunnen, voor zover zij het basisdoctoraalniveau betreffen, erkend worden.
Tot slot, indien u op grond van de EG-verklaring hier te lande als advocaat wordt ingeschreven, hoeft u niet ook nog aan stageverplichtingen te doen. Immers in land van herkomst bent u volledig gekwalificeerd voor het beroep van advocaat.
Verzoeken om afgifte van de EG-verklaring voor het beroep van advocaat moeten worden gericht aan:
De Algemene Raad van de Nederlandse Orde van Advocaten
p/a afdeling Juridische Zaken, inzake afgifte EG-verklaring
Postbus 30851
2500 GW Den Haag
Met de gedagtekende aanvraag dienen, conform artikel 2 Regeling EG-verklaring advocaten, de volgende bescheiden te worden overgelegd:
- Een uittreksel uit het bevolkingsregister van de Lidstaat van herkomst waaruit de nationaliteit van de aanvrager blijkt.
- Het geheel van bewijzen waaruit blijkt dat de aanvrager in een EU-Lidstaat volledig gekwalificeerd advocaat is. In de meeste gevallen zal dit betekenen bewijsstukken dat de rechtenopleiding en de stage met succes zijn voltooid.
- Indien de aanvrager reeds kennis en/of ervaring met het Nederlandse recht heeft, dient hij hierover informatie te verschaffen en zo mogelijk bewijs hiervan aan te hechten.
- Beëdigde vertalingen in het Nederlands van alle bescheiden die niet in de Nederlandse taal zijn gesteld.
Voor eventuele vragen over de aanvraag van een EG-verklaring kunt u contact opnemen met mevrouw Joke Dieters, telefoonnummer 070 - 335 35 41 of e-mail: j.dieters@advocatenorde.nl

