Opleiding

Vakbekwaamheid cassatiebalie

Examen

Examen

De advocaat legt aan de commissie cassatie een opgave van het aantal opleidingspunten voor zoals aangegeven in artikel 4.8, eerste lid, van de Verordening op de advocatuur via het model opgave opleidingspunten. 

In deze opgave beperkt de advocaat zich tot het vermelden van die activiteiten die naar eigen inzicht leiden tot tien cassatiewaardige opleidingspunten. Het is niet aan de commissie cassatie om uit een reeks van opgegeven activiteiten die activiteiten te lichten om te besluiten of aan het opleidingsvereiste van artikel 4.8 van de Verordening op de advocatuur is voldaan.

Opleidingspunten in het kader van civiele cassatie zijn behaald op terreinen die leiden tot verdieping van de kennis van het burgerlijk recht, het burgerlijk procesrecht en de beheersing van de cassatietechniek. Daartoe worden bijvoorbeeld niet gerekend:
• het schrijven van een blog;
• het doceren in het kader van de beroepsopleiding;
• het bezoeken van zogenoemde cassatiecorrespondentendagen, tenzij daaraan een actieve bijdrage is geleverd.
Bij de opgave geeft de advocaat zich rekenschap van de artikelen 20 en 24 van de Regeling op de advocatuur.

Examenstof
De examenstof, opgenomen in artikel 21 van de Regeling op de advocatuur, bestaat uit de volgende onderdelen: 

a. de laatste druk van:
  • Asser Procesrecht/Bakels, Hammerstein & Wesseling-van Gent 4, Kluwer Deventer;
  • Asser Procesrecht/Veegens-Korthals Altes-Groen 7, met uitzondering van Hoofdstuk I (geschiedenis en rechtsvergelijking), Kluwer Deventer; (N.B. hoofdstuk 1 behoort niet tot de examenstof)
b. jurisprudentie (bedoeld voor examens die vóór 1 juli 2018 worden afgelegd):
  • HR 1 april 2016, ECLI:NL:HR:2016:542, NJ 2016/189 (executierisico en eigen schuld)
  • HR 27 mei 2016, ECLI:NL:HR:2016:994, RvdW 2016/645 (staatssteun)
  • HR 3 juni 2016, ECLI:NL:HR:2016:1046, NJ 2016/290 met annotatie van F.M.J. Verstijlen (eigendomsvoorbehoud)
  • HR 8 juli 2016, ECLI:NL:HR:2016:1483 RvdW 2016/950 

  • een in de NJ gepubliceerde uitspraak van de Hoge Raad naar eigen keuze, representatief voor de eigen praktijk
b. jurisprudentie (bedoeld voor examens die vanaf 1 juli 2018 worden afgelegd):
  • HR 24.02.2017, ECLI:NL:HR:2017:309, NJ 2017, 309: eigendomsverkrijging door verjaring bij kwade trouw i.s.m. actie uit onrechtmatige daad jegens nieuwe eigenaar.
  • HR 06.10.2017, ECLI:NL:HR:2017:2566, NJ 2017, 410: beroep op integrale nakoming van oorspronkelijke overeenkomst naar maatstaven van redelijkheid en billijkheid onaanvaardbaar?
  • HR 10.03.2017, ECLI:NL:HR:2017:411, NJ 2017, 411: vordering met betrekking tot processueel ondeelbare rechtsverhouding.
  • HR 27.10.2017, ECLI:NL:HR:2789, RvdW 2017,1169: rechtmatig strafvorderlijk optreden.

  • een in de NJ gepubliceerde uitspraak van de Hoge Raad naar eigen keuze, representatief voor de eigen praktijk
c. administratieve en financiële aspecten van de cassatiepraktijk
  • in het bijzonder betreffende griffierechten en toevoegingszaken