Reglementen, toetsen en vrijstelling Beroepsopleiding Advocaten
Reglementen
In het opleidings- en examenreglement zijn de inhoud van de Beroepsopleiding Advocaten, de onderwijsonderdelen, regels over de basistest en de opleidingsmaatregelen vastgelegd. Dit reglement bevat ook regels over examinering, taken, samenstelling en bevoegdheden van de examencommissie.
Naar opleidings- en examenreglement Beroepsopleiding AdvocatenExamen
Aan de Beroepsopleiding Advocaten is een examen verbonden dat bestaat uit drie toetsen: Ethiek, de eerste integratieve dag en de tweede integratieve dag. Een toets kan ten hoogste drie maal worden afgelegd. De eerste integratieve dag is in de vorm van een mootcourt, de tweede integratieve dag is een complexe praktijksimulatie (voor privaatrecht en bestuursrecht een onderhandeling; voor straf(proces)recht een getuigenverhoor). Voorbereiding op de integratieve dagen is op basis van casussen, werken in praktijkdossiers en het schrijven van verschillende producties. De examencommissie besluit over toelating tot de integratieve dagen, de onderwijsaanbieders adviseren op basis van een gedegen voorbereiding en (verplichte) aanwezigheid van de stagiaire in de aanloop naar de integratieve dagen.
Hardheidclausule: extra toetskans
Indien ook de derde toetskans niet is gehaald, kan de stagiair ingevolge artikel 3.19, vierde lid jo zesde lid van de Verordening op de advocatuur de algemene raad verzoeken de stagiair een extra toetskans toe te kennen. Het zesde lid bepaalt dat de algemene raad kan afwijken van het vierde lid waarin staat dat de stagiair ten hoogste drie maal een toets per vak (onderdeel) kan afleggen. Indien de stagiair een extra toetskans wil verzoeken, dient hij dit te doen uiterlijk vier weken na de desbetreffende toetsgelegenheid.
De algemene raad gaat zeer restrictief om met de toepassing van de hardheidsclausule. In het verleden zijn uitsluitend verzoeken ingewilligd waarin:
- sprake was van overmacht (van buiten komend onheil) waardoor iedere toets niet met goed gevolg is afgelegd; en (cumulatief)
- alle andere mogelijkheden (behoud toetskans, zelf bepalen derde toetsmoment, alternatieve wijze van toetsing) geen oplossing konden bieden.
De stagiair zal dus moeten aantonen dat sprake is van overmacht bij iedere toets, causaal verband tussen het van buiten komend onheil en het niet behalen van de toetsen, wat de stagiaire heeft gedaan om de effecten van het van buiten komend onheil te verkleinen èn waarom alle andere mogelijkheden in het specifieke geval geen oplossing konden bieden. Door het maken van de toets aanvaardt de stagiaire het risico dat de toets met een onvoldoende resultaat kan worden afgesloten. Dit risico kan niet worden verlegd met een beroep op een extra toetskans. In de toelichting van de beleidsregel onderwijs en toetsen BA wordt de regeling nader uiteengezet.
Naar artikel 3.19, vierde lid jo zesde lid van de Verordening op de advocatuur Naar de beleidsregel onderwijs en toetsen Beroepsopleiding AdvocatenTerme de grâce
Nadat een stagiair is uitgeschreven van het tableau op grond van artikel 8c, eerste lid, aanhef en onderdeel c van de Advocatenwet, kan de algemene raad de stagiaire desgevraagd binnen twee jaar na de uitschrijving ten hoogste tweemaal toelaten tot een toetsgelegenheid. Voorwaarde daarvoor is dat het onderwijs is gevolgd en dat nog niet alle toetskansen zijn benut. Artikel 3.22, tweede lid van de Verordening op de advocatuur bepaalt dat het verzoek slechts wordt ingewilligd indien de afwijzing naar het oordeel van de algemene raad zou leiden tot een onbillijkheid van overwegende aard.
Naar artikel 8c, eerste lid, aanhef en onderdeel c van de Advocatenwet Naar artikel 3.22, tweede lid van de Verordening op de advocatuurVrijstellingen
Voor de beroepsopleiding is het niet mogelijk om voor toetsen noch voor onderwijs vrijstellingen aan te vragen.