NOvA schetst eerste visie op toekomstbestendige advocatenkantoren en verantwoorde vernieuwing
Nieuws •
Gewijzigd op:
De Nederlandse orde van advocaten (NOvA) wil het stelsel voor organisatievormen binnen de advocatuur verantwoord vernieuwen en daarmee nieuwe samenwerkingsvormen onder voorwaarden mogelijk maken. Tijdens het symposium ‘Moderne praktijkstructuren in de advocatuur’ bij het ministerie van Justitie en Veiligheid hebben Else Loes Pasma en Frank Kroes, leden van de algemene raad van NOvA, de eerste visie gedeeld van een nieuw stelsel voor de organisatie van advocatenkantoren.
Aansluiting ontwikkeling rechtspraktijk
Het voorstel maakt meer samenwerking, innovatie en beperkte externe financiering mogelijk, terwijl de onafhankelijkheid, vertrouwelijkheid, deskundigheid, integriteit en partijdigheid van advocaten aantoonbaar geborgd blijven. De NOvA komt met dit voorstel omdat de huidige regels voor organisatiestructuren niet altijd meer aansluiten op ontwikkelingen in de rechtspraktijk. Ook het aflopen van het experiment met rechtsbijstandverzekeraars per 1 januari 2028, de Europese uitspraak in de zaak Halmer/Brak uit 2024, de proportionaliteitsrichtlijn en de rapporten van WODC/Pro Facto van en de commissie Winter zijn aanleiding om het stelsel opnieuw te bezien. De NOvA beoogt regels die eenduidig, transparant, toekomstbestendig en beter handhaafbaar zijn en die een evenwicht bieden tussen toegang tot het recht, ruimte voor vernieuwing en bescherming van de kernwaarden.
Contouren alternatief systeem
- Kern van het systeem: een systeem waarbij geen onderscheid meer gemaakt wordt tussen verschillende vormen waarin de advocatuur wordt bedreven, met één set aan gelijkluidende voorwaarden die aan alle advocaten worden gesteld. Afhankelijk van de gewenste vorm van samenwerking, pakken de voorwaarden verschillend uit op het vlak van toelating, registratie, governance en toezicht.
- Invoering van de staak als waarborg: ieder advocatenkantoor krijgt de verplichting te beschrijven in welke organisatorische eenheid zij werkzaam is. Alle advocaten vormen gezamenlijk een afzonderlijke organisatorische eenheid: de staak. Alle advocaten moeten binnen dezelfde afzonderlijke identiteit zijn ondergebracht, zodat zij gezamenlijk als beroepsmatige eenheid functioneren binnen het kantoor. Advocaten vormen dus gezamenlijk een staak waaraan binnen het samenwerkingsverband doorslaggevende zeggenschap toekomt ten aanzien van de praktijkuitoefening, de naleving van de kernwaarden en de inrichting van de beroepsmatige besluitvorming. Daarbij moet duidelijk worden vastgelegd hoe de zeggenschap zich verhoudt tot de eigendom en aandelenverhoudingen binnen het kantoor: ook wanneer sprake is van andere aandeelhouders of externe financiers, mag de feitelijke invloed op de beroepsuitoefening niet buiten de staak komen te liggen. De staak moet voorkomen dat commerciële, organisatorische of externe belangen de onafhankelijke beroepsuitoefening van de advocaat beïnvloeden. De verplichting tot het vormen van een staak en de uitvoering daarvan wordt door de advocaat vastgelegd in een samenwerkingsovereenkomst.
- Invoering kantoor als normadressaat, toelating en registratie: naast de individuele advocaat wordt ook het kantoor normadressaat. Ieder kantoor vormt een staak die geregistreerd wordt. Toelating daarvan hangt af van de gekozen vorm. Zo kunnen kantoren die willen samenwerken met andere beroepsgroepen of gebruik willen maken van externe financiering functioneren na voorafgaande aanmelding en beoordeling die plaatsvindt door de NOvA. Bij deze beoordeling wordt getoetst of de samenwerking, financieringsvorm of governance voldoet aan de vooraf gestelde waarborgen en vastgestelde eisen. Toegelaten kantoren worden opgenomen in een register dat bijgehouden wordt door de NOvA.
- Toezicht: het toezicht richt zich niet alleen op de individuele advocaat, maar ook op het kantoor als normadressaat. Voor alle kantoren geldt een registratieplicht. Centraal toezicht wordt mogelijk op de inrichting van de staak, de feitelijke zeggenschap, de naleving van de governance-afspraken, de rol van externe financiers en de borging van onafhankelijkheid en geheimhouding binnen de organisatie. Hiervoor is de spoedige oprichting van de OTA gewenst.
- Samengevat leidt dit tot een systeem dat:
• nieuwe organisatievormen mogelijk maakt, met behoud van de eigen verantwoordelijkheid van de advocaat;
• innovatie en toegang tot het recht bevordert, zonder afbreuk te doen aan kernwaarden en waarborgen;
• toezicht beter aansluit bij de feitelijke praktijk doordat ook het kantoor normadressaat wordt;
• vooraf eisen stelt aan toelating, compliance, governance en onafhankelijkheid;
• risico’s beter beheersbaar maakt door voorafgaande toetsing en de inrichting van de staak;
• het systeem proportioneel, uitvoerbaar, handhaafbaar en uitlegbaar blijft.
Eén kader voor advocaat én kantoor
In het beoogde stelsel geldt één normatief kader voor alle advocaten ongeacht hun organisatievorm. De concrete eisen aan toelating, registratie, governance en toezicht verschillen naar gelang de gekozen organisatievorm. Naast de individuele advocaat wordt ook het kantoor zelfstandig verantwoordelijk voor de naleving van beroepsregels. Kantoren die samenwerken met andere beroepsgroepen of gebruikmaken van externe financiering, worden vooraf beoordeeld en na toelating opgenomen in een centraal register.
Ruimte voor innovatie onder voorwaarden
Externe financiering kan investeringen in digitalisering, AI-toepassingen en nieuwe vormen van dienstverlening ondersteunen en daarmee bijdragen aan een betere toegang tot het recht. Daartegenover staan risico’s voor onafhankelijkheid, zeggenschap en geheimhouding. Het toezicht richt zich voortaan op zowel de individuele advocaat als het kantoor en moet inzicht geven in de feitelijke zeggenschap en de rol van financiers. De rapporten van de commissie-Winter en het WODC van eerder dit jaar zijn hiervoor belangrijke bouwstenen. De NOvA onderstreept daarbij het belang van een spoedige oprichting van de onafhankelijke toezichthouder advocatuur (OTA).
Naar een toekomstbestendig stelsel: koers en stappen
De NOvA kiest voor een verantwoorde vernieuwing en verruiming van de mogelijkheden voor advocatenkantoren, met bijvoorbeeld ruimte voor samenwerking met andere beroepsgroepen en beperkte externe financiering. Voorwaarde is dat onafhankelijkheid, partijdigheid, deskundigheid, integriteit en vertrouwelijkheid aantoonbaar zijn geborgd bij zowel de advocaat als het kantoor.
De invoering verloopt in drie fasen. In de eerste fase werkt de NOvA de waarborgen voor samenwerking, financiering en governance uit, waaronder de scheiding tussen eigendom en zeggenschap en de eisen aan bestuurders. Ook worden de voorwaarden voor de staak en de samenwerkingsovereenkomst bepaald, wordt het kantoor zelfstandig verantwoordelijk voor de naleving van de beroepsregels en wordt het toezicht daarop ingericht. Verder werkt de NOvA de inrichting van het centrale register uit, toetst zij het stelsel aan het mededingingsrecht en het Unierecht en vertaalt zij de uitkomsten in concrete voorstellen voor regelgeving. In de tweede fase worden de aanmeldprocedure en het centrale register ingericht, wordt het nieuwe stelsel in de regelgeving verankerd en wordt het toezicht ingericht en afgestemd met de OTA. In de derde fase wordt geëvalueerd hoe het stelsel in de praktijk werkt en wordt het waar nodig bijgesteld.
Over dit onderwerp
Toezicht advocatuur
De lokale deken is belast met het toezicht op de advocatuur in het eigen arrondissement op grond van de Advocatenwet en de Wet ter voorkoming van witwassen en financieren van terrorisme (Wwft). Toezicht en handhaving door de deken hebben als doel de naleving van wettelijke regels te bevorderen en te waarborgen.
Meer informatie