4. Geheimhouding en aantekening van stukken

Regel 4

Een advocaat is verplicht in iedere zaak waarin hij met een beoefenaar van een ander vrij beroep optreedt zorgvuldig aantekening te houden van alle brieven en alle stukken die hij ter kennis van die beoefenaar van een ander vrij beroep brengt. 

De Hoge Raad heeft bij arrest d.d. 29 maart 1994 HR, NJ 1994, nr. 552 uitgemaakt dat indien de accountant op verzoek van een advocaat bij een zaak als deskundige wordt ingeschakeld en in verband met de behandeling van deze zaak door de advocaat aan de accountant (mondeling of) schriftelijk gegevens c.q. stukken worden verstrekt, de accountant ter zake van die gegevens/stukken in het kader van die opdracht beschikt over een van de advocaat afgeleid verschoningsrecht. Dit arrest wordt ook van belang geacht voor vormen van samenwerking met andere vrije beroepen. Het verdient overigens te allen tijde de voorkeur op de stukken te vermelden dat zij afkomstig zijn uit het cliëntendossier en als zodanig beschermd zijn.

Navigeer inhoud van  Richtlijnen

Navigeer inhoud van Richtlijnen

Uitgelicht

Wet- en regelgeving

Alle wet- en regelgeving voor de advocatuur. Van de Advocatenwet tot de Verordening op de advocatuur (Voda) en de Regeling op de advocatuur (Roda).

Voor uw praktijk

Ondersteuning voor advocaten bij hun beroepsuitoefening: van de advocatenpas tot het rechtsgebiedenregister en geheimhoudernummers.