Wijzigingsbesluit beleidsregel benoemingen 2018
Besluit van de algemene raad van 3 september 2018 houdende de wijziging van de Beleidsregel benoemingen in verband met de verduidelijking van de procedure van voordracht voor kandidaten voor de algemene raad en leden-advocaten en plaatsvervangend leden-advocaten van het hof van discipline (Wijzigingsbesluit beleidsregel benoemingen 2018)
De algemene raad van de Nederlandse orde van advocaten,
gelet op artikel 19 en 51, tweede lid, van de Advocatenwet;
gelet op titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;
stelt het navolgende besluit vast:
ARTIKEL II
De toelichting op de Beleidsregel benoemingen komt te luiden als volgt.
Noot
Zoals gewijzigd bij besluit van de algemene raad van 3 september 2018 (Wijzigingsbesluit beleidsregels benoemingen 2018).
Algemeen
De Nederlandse orde van advocaten is een publiekrechtelijk lichaam, waarbinnen de organen opereren die optreden als belangenbehartiger, beleidsontwikkelaar, regelgever en uitvoerder van wettelijke taken. Binnen de Nederlandse orde van advocaten worden veel van de werkzaamheden verricht door personen die zitting hebben in colleges, raden en commissies. Een aantal van deze personen worden benoemd door de algemene raad, voorgedragen ter benoeming aan het college van afgevaardigden of aanbevolen aan de minister.
Bij deze benoemingen, voordrachten of aanbevelingen wil de algemene raad de aansluiting bij het gevoelen binnen de balie, maatschappij en politiek waarborgen. De algemene raad acht een bewust benoemingenbeleid ondersteunend aan het voortdurend genereren van nieuwe ideeën, het kritisch kijken naar eigen werk- en denkwijzen en het onderzoeken van ervaringen binnen en buiten de balie. Een onderdeel van dit benoemingenbeleid is het evenwichtig samenstellen met periodieke vernieuwing van colleges, raden en commissies met inachtneming van de betreffende rol en positie.
Met deze beleidsregel wil de algemene raad transparantie bevorderen en algemene regels geven over de afweging van belangen, de vaststelling van feiten en de uitleg van wettelijke voorschriften bij het gebruik van een bevoegdheid.
Artikelsgewijs
Artikel 1 Voordracht leden algemene raad
Het college van afgevaardigden verkiest de leden van de algemene raad, onder wie de algemeen deken, ingevolge artikel 19, eerste lid, van de Advocatenwet. De algemene raad bereidt hiertoe een voordracht voor. De algemene raad heeft met de agendacommissie van het college van afgevaardigden en na overleg met het college van afgevaardigden de procedure vastgesteld voor de voordracht van een kandidaat voor lidmaatschap van de algemene raad.
Deze procedure kenmerkt zich door een wisselwerking tussen de algemene raad en de agendacommissie van het college van afgevaardigden. Het doel hiervan is dat de agendacommissie namens het college kan toetsen hoe het functieprofiel en de voordracht tot stand is gekomen, zonder dat hiermee het afbreukrisico voor kandidaten onnodig toeneemt.
Ingevolge artikel 1 stelt de algemene raad een profielschets op en bespreekt deze met de agendacommissie. Hierna wordt de vacature gepubliceerd en voert een selectiecommissie de gesprekken. De uitkomst van die gesprekken, in de vorm van een shortlist van ten hoogste drie kandidaten in willekeurige volgorde, wordt gedeeld met de agendacommissie. Indien er minder dan drie kandidaten zijn worden er uiteraard zoveel namen gedeeld als dat er kandidaten zijn.
De agendacommissie kan aan de hand van het functieprofiel en de curricula vitae van de kandidaten een voorkeursvolgorde aanbrengen. Indien de eerste voorkeurskandidaat van de agendacommissie overeenkomt met de (tot dan toe onbekende) voorkeurskandidaat van de algemene raad wordt deze kandidaat voorgedragen. Indien de voorkeurskandidaten niet overeenkomen krijgt de agendacommissie, overigens net als in de situatie dat de voorkeurskandidaat wel overeenkomt, de mogelijkheid een gesprek te voeren met de voorkeurskandidaat van de algemene raad. Ook indien de voorkeurskandidaten niet overeenkomen, draagt de algemene raad zijn voorkeurskandidaat voor. Het is dan aan de agendacommissie om voorafgaand aan de vergadering van het college van afgevaardigden al dan niet aan te geven dat deze kandidaat niet de voorkeur had van de agendacommissie. Het is uiteindelijk aan het college van afgevaardigden om te verkiezen.
De bovenstaande procedure is anders indien de voorkeurskandidaat van de algemene raad voor de functie van algemeen deken reeds zitting heeft in de algemene raad. Het bepaalde in artikel 1, derde tot en met het zevende lid, is dan niet van toepassing. De redenen hiervoor zijn onder andere dat deze persoon reeds is verkozen tot lid van de algemene raad door het college van afgevaardigden en de kandidaat al genoegzaam bekend is bij het college.
Artikel 2 Voordracht leden-advocaten hof van discipline
Het college van afgevaardigden verkiest de leden-advocaten van de raden van discipline en het hof van discipline op grond van artikel 46b, vierde lid, respectievelijk artikel 51, tweede lid, van de Advocatenwet.
De voordrachten voor leden-advocaten in de raden van discipline worden gedaan door de raden van de orde in het arrondissement. De voordrachten voor leden-advocaten in het hof van discipline worden gedaan door de algemene raad.
De algemene raad bereidt een voordracht voor in samenspraak met het hof van discipline. Hiertoe wordt een profielschets opgesteld en een gezamenlijke selectiecommissie ingesteld.
Teneinde waarborgen in te bouwen om aan te sluiten bij het gevoelen van de balie, maatschappij en politiek, om nieuwe ideeën te genereren, kritisch te kijken naar eigen werk- en denkwijzen, het onderzoeken van ervaringen binnen en buiten de balie en om het evenwichtig samenstellen met periodieke vernieuwing in het hof van discipline zijn in het vierde lid enkele criteria opgenomen waaraan wordt getoetst en zijn in het vijfde lid enkele omstandigheden genoemd die aan voordracht in de weg staan.
Artikel 3 Aanbeveling college van toezicht
Bij koninklijk besluit worden de leden van het college van toezicht, met uitzondering van de algemeen deken, benoemd. Hiertoe doet de minister een voordracht op aanbeveling van de algemene raad, ingevolge artikel 36a, tweede lid, van de Advocatenwet.
Ingevolge artikel 36a, zevende lid, van de Advocatenwet wordt aan de besluitvorming door de algemene raad over de aanbeveling niet deelgenomen door de algemeen deken. De algemeen deken is immers qualitate qua voorzitter van het college van toezicht.
Teneinde waarborgen in te bouwen om aan te sluiten bij het gevoelen van de balie, maatschappij en politiek, om nieuwe ideeën te genereren, kritisch te kijken naar eigen werk- en denkwijzen, het onderzoeken van ervaringen binnen en buiten de balie en om het evenwichtig samenstellen met periodieke vernieuwing in het college van toezicht zijn in het derde lid enkele criteria opgenomen waaraan wordt getoetst en is in het vierde lid een omstandigheid genoemd die aan de aanbeveling in de weg staat.
Artikel 4 Voordracht raad van advies
Het college van afgevaardigden benoemt de leden van de raad van advies op voordracht van de algemene raad, ingevolge artikel 2.3 van de Verordening op de advocatuur.
De algemene raad stelt een profielschets op om tot een voordracht te komen. Daarna besluit de algemene raad over de voordracht en kan het college van afgevaardigden benoemen.
Teneinde waarborgen in te bouwen om aan te sluiten bij het gevoelen van de balie, maatschappij en politiek, om nieuwe ideeën te genereren, kritisch te kijken naar eigen werk- en denkwijzen, het onderzoeken van ervaringen binnen en buiten de balie en om het evenwichtig samenstellen met periodieke vernieuwing in de raad van advies zijn in het derde lid enkele criteria opgenomen waaraan wordt getoetst en is in het vierde lid een omstandigheid genoemd die aan de voordracht in de weg staat.
Artikel 5 Benoeming (advies)commissies
De algemene raad benoemt de personen in de commissie cassatie, de adviescommissie regelgeving, de overige commissies (adviescommissies wetgeving) en de commissie disciplinaire rechtspraak.
Teneinde waarborgen in te bouwen om aan te sluiten bij het gevoelen van de balie, maatschappij en politiek, om nieuwe ideeën te genereren, kritisch te kijken naar eigen werk- en denkwijzen, het onderzoeken van ervaringen binnen en buiten de balie en om het evenwichtig samenstellen met periodieke vernieuwing in de (advies)commissies zijn in het tweede lid enkele criteria opgenomen waaraan wordt getoetst en is in het derde lid een omstandigheid genoemd die aan de voordracht in de weg staat.
ARTIKEL III
Dit besluit treedt in werking met ingang van 1 oktober 2018.
ARTIKEL IV
Dit besluit wordt aangehaald als: Wijzigingsbesluit beleidsregel benoemingen 2018.
ARTIKEL I
De Beleidsregel benoemingen wordt gewijzigd als volgt.
A
De aanhef wordt gewijzigd als volgt.
De algemene raad van de Nederlandse orde van advocaten;
gelet op artikel 36a, tweede lid, van de Advocatenwet;
gelet op artikelen 2.3, 2.10, 2.14, 2.18 en 2.22 van de Verordening op de advocatuur;
gelet op titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;
overwegende:
stelt de volgende beleidsregel vast:
De algemene raad van de Nederlandse orde van advocaten;
gelet op artikelen 18, eerste lid, 19, 24, eerste lid, 36a, tweede lid, en 51, tweede lid, van de Advocatenwet;
gelet op artikelen 2.3, 2.10, 2.14, 2.18 en 2.22 van de Verordening op de advocatuur;
gelet op titel 4.3 van de Algemene wet bestuursrecht;
stelt het navolgende besluit vast:
B
Onder vernummering van artikel 1 tot en met 4 tot artikel 4 tot en met 7, worden nieuwe artikelen ingevoegd, luidende:
Artikel 1 Voordracht leden algemene raad
Artikel 2 Voordracht leden-advocaten hof van discipline
Artikel 3 Aanbeveling college van toezicht
C
Artikel 4 wordt gewijzigd als volgt:
Artikel 4 Aanbeveling college van toezicht en voordracht raad van advies
Artikel 4 Voordracht raad van advies
D
Artikel 5 wordt gewijzigd als volgt:
Artikel 5 Benoeming (advies)commissies
Artikel 5 Benoeming (advies)commissies