Paragraaf 2.2.3 Vacatiegelden en kostenvergoedingen
Artikel 2.31 Rechthebbenden vacatiegeld en reiskostenvergoeding
- De algemene raad kent vacatiegeld en een reiskostenvergoeding toe aan:
- de leden van een raad van discipline en het hof van discipline die tevens advocaat zijn;
- de leden en plaatsvervangende leden van het college van afgevaardigden en de leden van het college van afgevaardigden die zijn benoemd in de financiële commissie, bedoeld in artikel 32, derde lid, van de Advocatenwet;
- de leden van de raad van advies en de commissie cassatie;
- de leden van de redactie van het Advocatenblad die tevens advocaat zijn.
- Onder plaatsvervangende leden als bedoeld in het eerste lid, onderdeel b, wordt verstaan: als zodanig gekozen leden.
Artikel 2.32 Rechthebbenden reiskostenvergoeding
De algemene raad vergoedt de reiskosten van:
- de deken en de overige leden van de algemene raad;
- de door de algemene raad benoemde leden van adviescommissies;
- de leden van de adviescommissie regelgeving;
- degene die op verzoek van de algemeen deken, de algemene raad of het college van afgevaardigden een bijeenkomst bijwoont en de Nederlandse orde van advocaten officieel vertegenwoordigt;
- de leden van een door het college van afgevaardigden ingestelde voorbereidingscommissie.
Artikel 2.33 Verblijfskostenvergoeding
De algemene raad kan verblijfskosten vergoeden indien dat naar zijn oordeel doelmatig is.
Artikel 2.34 Andere rechthebbenden
De algemene raad kan in bijzondere gevallen aan anderen dan de in artikel 2.31 en artikel 2.32 genoemden een kostenvergoeding toekennen.
Artikel 2.35 Hoogte vacatiegeld en reiskostenvergoeding
- De algemene raad stelt de hoogte van het vacatiegeld vast, die kan verschillen naar rechthebbende en tijdsduur.
- De algemene raad stelt de hoogte van de reiskostenvergoeding vast, die kan verschillen naar transportmiddel.
Artikel 2.36 Nadere regels wijze declaratie
- De algemene raad stelt regels vast over de wijze waarop de vergoedingen, bedoeld in deze paragraaf worden gedeclareerd.
- De algemene raad kan bij de aanvraag voor vacatiegeld of andere vergoeding van de aanvrager nadere bewijsmiddelen verlangen.
Artikel 2.30 Vergoeding algemene raad
Het college van afgevaardigden stelt de vergoeding vast voor de werkzaamheden van de deken en de overige leden van de algemene raad.
De deken, de plaatsvervangend deken en de overige leden van de algemene raad ontvangen voor hun werkzaamheden een vergoeding uit de middelen van de Nederlandse orde. Het college van afgevaardigden stelt de hoogte van de vergoeding vast. Het tijdbeslag van de onderscheiden functies kan aanleiding vormen voor een gedifferentieerde vergoeding. Het besluit van het college kan bepalen dat de vergoeding jaarlijks wordt aangepast aan bijvoorbeeld de inflatie.