Afdeling 6.6 Beroepsaansprakelijkheid

Artikel 6.24 Beroepsaansprakelijkheidsverzekering

  1. De advocaat is adequaat verzekerd ter zake van het risico van zijn beroepsaansprakelijkheid.
  2. Het eerste lid is niet van toepassing op het risico dat een advocaat die de praktijk in dienst uitoefent schade toebrengt aan zijn werkgever of in de groep met de werkgever verbonden rechtspersonen, voor zover de werkgever of in de groep met de werkgever verbonden rechtspersonen hem voor deze schade op voorhand schriftelijk vrijwaart. In dat geval blijft voor de advocaat die de praktijk in dienst uitoefent de verplichting bestaan een aansprakelijkheidsverzekering te sluiten voor schade, als advocaat toegebracht aan derden.
  3. Het eerste lid is niet van toepassing op het risico dat een advocaat die de praktijk in dienst uitoefent schade toebrengt aan derden, indien de werkgever de Staat is en deze de advocaat hiervoor op voorhand schriftelijk vrijwaart conform het model, bedoeld in het vijfde lid.
  4. De advocaat gaat de verzekering aan met een verzekeraar van wie aannemelijk is dat deze voldoet aan redelijkerwijs te stellen eisen van solvabiliteit.
  5. De algemene raad stelt een model van de vrijwaring vast en kan bij wijzigingen van dat model bepalen wanneer bestaande vrijwaringen moeten worden aangepast

Artikel 6.24

De advocaat is verplicht adequaat verzekerd te zijn tegen het risico van beroepsaansprakelijkheid. Onder adequaat verzekerd zijn wordt in ieder geval verstaan dat de verzekering voldoende dekking biedt tegen het risico van beroepsaansprakelijkheid gelet op de aard en de omvang van de praktijk van de advocaat. Een advocaat die wordt ingezet door een kantoor waaraan hij niet vast is verbonden, vergewist zich ervan dat hij, ook met betrekking tot de werkzaamheden die hij voor dit kantoor verricht, adequaat is verzekerd. Het doel van deze regel is om het publiek tot op zekere hoogte waarborg te bieden dat iedere advocaat voldoende verhaal biedt in geval van schade door een beroepsfout. Het is dan ook niet mogelijk een ontheffing van de verzekeringsplicht te krijgen.

In het tweede lid is een uitzondering opgenomen van de verzekeringsplicht voor advocaten die de praktijk in dienst uitoefenen en uitsluitend optreden voor hun werkgever of in de groep met de werkgever verbonden rechtspersonen. In dat geval blijft de verplichting gelden adequaat verzekerd te zijn tegen het risico van beroepsaansprakelijkheid, maar niet voor zover het betreft het risico van de aansprakelijkheid van de advocaat tegenover zijn werkgever of in de groep met de werkgever verbonden rechtspersonen (zijn ‘cliënt’) voor schade die de advocaat in zijn beroepsuitoefening heeft toegebracht aan zijn werkgever of in de groep met de werkgever verbonden rechtspersonen. Voorwaarde is dat de werkgever of in de groep met de werkgever verbonden rechtspersonen de advocaat schriftelijk vrijwaart voor de mogelijke schade als gevolg van beroepsfouten. De advocaat die de praktijk in dienst uitoefent dient zich er van bewust te zijn dat hij verplicht is een adequate verzekering af te sluiten, indien hij naast dit dienstverband (gedeeltelijk) nog op enigerlei wijze de praktijk uitoefent.

Het derde lid ziet op de advocaat in dienst van de Staat. Onder Staat wordt uitsluitend de rijksoverheid verstaan en niet lagere overheden of zelfstandige bestuursorganen. Voor advocaten in dienst van provincies, gemeenten of andere overheidsorganen geldt onverkort het bepaalde in het eerste lid. Voor advocaten in dienst van de Staat wordt een uitzondering gemaakt, omdat de Staat in de regel geen verzekeringen afsluit. Ook hier geldt de voorwaarde dat de Staat de advocaat schriftelijk te kennen heeft gegeven hem niet aansprakelijk te zullen houden. Ook deze advocaat in dienst van de Staat dient zich er van bewust te zijn dat hij verplicht is een adequate verzekering af te sluiten, indien hij naast dit dienstverband (gedeeltelijk) nog op enigerlei wijze de praktijk uitoefent.

Artikel 6.25 Dekking van verzekering

De in artikel 6.24, eerste lid, bedoelde verzekering:

a. dekt per advocaat of indien van toepassing per samenwerkingsverband ten minste schade tot een bedrag van € 500.000 per aanspraak en tot ten minste twee maal dat bedrag per verzekeringsjaar;

b. dekt mede de burgerrechtelijke aansprakelijkheid van de advocaat voor handelingen en nalatigheden van personen die onder zijn verantwoordelijkheid werkzaam zijn;

c. dekt de schade voortvloeiend uit alle werkzaamheden die gerekend kunnen worden tot de beroepsuitoefening van de advocaat, daaronder begrepen het optreden als curator in een faillissement, als bewindvoerder in een (voorlopige) surséance van betaling en in andere hoedanigheid waarin de advocaat door de rechter wordt benoemd, dan wel als mediator, bindend adviseur of arbiter;

d. is ten minste van kracht voor gebeurtenissen in de lidstaten van de Europese Unie en landen die partij zijn bij de Overeenkomst betreffende de Europese Economische Ruimte en Zwitserland;

e. omvat voor een advocaat of een samenwerkingsverband van twee advocaten geen eigen risico hoger dan € 12.500 per aanspraak;

f. omvat voor een samenwerkingsverband van meer dan twee advocaten geen eigen risico per aanspraak hoger dan € 5.000 maal het aantal verzekerde advocaten, met een maximum van € 100.000 per aanspraak.

Artikel 6.25

Dit artikel beschrijft de minimumeisen waaraan de beroepsaansprakelijkheidsverzekering van de advocaat moet voldoen. De verplichting om een verzekering af te sluiten geldt voor iedere advocaat. Dit sluit echter niet uit dat een dergelijke verzekering ook per kantoor kan worden afgesloten.

Het minimum verzekerd bedrag waarvoor de beroepsaansprakelijkheidsverzekering dekking moet bieden is € 500.000 per aanspraak en tot ten minste twee maal dat bedrag per verzekeringsjaar. Benadrukt wordt dat het verplicht verzekerd bedrag van € 500.000 per aanspraak slechts een minimum betreft. Het zal afhankelijk zijn van onder meer de aard van de praktijk en de omvang van het kantoor of het samenwerkingsverband, of met de minimum dekking volstaan kan worden. Het in de verordening genoemde minimum verplicht verzekerd bedrag geldt per verzekering en dus per kantoor. Per verzekering zal beoordeeld dienen te worden of het verzekerd bedrag gelet op de kantooromvang en soort praktijk voldoende is. Als uitgangspunt geldt namelijk te allen tijde dat een advocaat adequaat verzekerd dient te zijn.

Het bedrag van € 500.000 is als minimum opgenomen om bescherming te bieden aan de rechtzoekende. Het is van belang dat de rechtzoekende in het geval van schade door een beroepsfout verhaal kan halen. De verzekeraar zal echter het risico willen inschatten en de premie willen bepalen. Om die reden zal vaak een maximaal bedrag aan uitkeringen per verzekeringsjaar worden opgenomen op de polis. In de verordening is het minimale bedrag aan uitkeringen per verzekeringsjaar opgenomen. Deze norm is met opzet flexibel gemaakt. Het bedrag aan uitkeringen per verzekeringsjaar is afhankelijk van de opgenomen dekking per aanspraak. Dit betekent dat de hoogte van het verzekerd bedrag per verzekeringsjaar altijd minimaal twee maal de hoogte van het verzekerd bedrag per aanspraak moet zijn. De reden is dat meerdere aanspraken per verzekeringsjaar onder de dekking moeten kunnen vallen.

De verzekering dient ook dekking te geven voor aansprakelijkheid van de advocaat als werkgever. Ook de fouten en nalatigheden van personen in dienst van de advocaat of het kantoor dienen gedekt te zijn.

Het soort activiteiten van de advocaat dat onder de dekking van de verzekering dient te vallen is beperkt tot die activiteiten die eigen zijn aan de advocatuur, waaronder mediation, bindend advies of arbitrage, maar ook het optreden als curator of bewindvoerder. Voor andere activiteiten die niet eigen zijn aan de advocatuur, zoals bijvoorbeeld een bestuurslidmaatschap of commissariaat, dient de advocaat zich afzonderlijk te verzekeren.

Artikel 6.26 Beperking aansprakelijkheid

Een advocaat kan schriftelijk met de cliënt overeenkomen dat de beroepsaansprakelijkheid, buiten het bedrag van het eigen risico, wordt beperkt tot het bedrag waarop de verzekering aanspraak op uitkering geeft, indien:

a. de advocaat voldoet aan artikel 6.24;

b. de verzekering voldoet aan artikel 6.25.

Navigeer inhoud van  Verordening op de advocatuur

Navigeer inhoud van Verordening op de advocatuur

Uitgelicht

Wet- en regelgeving

Alle wet- en regelgeving voor de advocatuur. Van de Advocatenwet tot de Verordening op de advocatuur (Voda) en de Regeling op de advocatuur (Roda).

Voor uw praktijk

Ondersteuning voor advocaten bij hun beroepsuitoefening: van de advocatenpas tot het rechtsgebiedenregister en geheimhoudernummers.