Artikel 9.3
Het eerste lid bevat overgangsrecht voor bestuurders die op het moment van inwerkingtreding van deze verordening reeds benoemd waren, maar niet voldoen aan de bepalingen van artikel 5.6, tweede lid. De samenwerkingsverbanden en rechtspersonen waar die bestuurders benoemd zijn, krijgen een jaar de tijd om deze bestuurder te vervangen door een bestuurder die wel aan artikel 5.6 voldoet.
Het tweede lid bevat overgangsrecht met betrekking tot de statuten van de praktijkrechtspersoon of de houdsterrechtspersoon. Voor inwerkingtreding van deze verordening moesten deze statuten voldoen aan de bepalingen van de Verordening op de praktijkrechtspersoon.
Praktijk- of houdsterrechtspersonen krijgen vijf jaar na inwerkingtreding van artikel 5.7 om de statuten aan te passen. Na aanpassing of na het verstrijken van vijf jaar geldt artikel 5.7.
Artikel 9.3 Overgangsrecht bestuurders en statuten
Artikel 9.3
Het eerste lid bevat overgangsrecht voor bestuurders die op het moment van inwerkingtreding van deze verordening reeds benoemd waren, maar niet voldoen aan de bepalingen van artikel 5.6, tweede lid. De samenwerkingsverbanden en rechtspersonen waar die bestuurders benoemd zijn, krijgen een jaar de tijd om deze bestuurder te vervangen door een bestuurder die wel aan artikel 5.6 voldoet.
Het tweede lid bevat overgangsrecht met betrekking tot de statuten van de praktijkrechtspersoon of de houdsterrechtspersoon. Voor inwerkingtreding van deze verordening moesten deze statuten voldoen aan de bepalingen van de Verordening op de praktijkrechtspersoon.
Praktijk- of houdsterrechtspersonen krijgen vijf jaar na inwerkingtreding van artikel 5.7 om de statuten aan te passen. Na aanpassing of na het verstrijken van vijf jaar geldt artikel 5.7.